Mortellaro
ZoolZweer
Bevangenheid
Paneritium
Tyloom
Zijwandbeschadiging/Wittelijndefect
Stinkpoot


Mortellaro (ook wel Dermatitis Digitalis)

Mortellaro is een besmettelijke aandoening van de klauw, die door bacteriën veroorzaakt wordt. Het is een oppervlakkige ontsteking van de huid, vaak te vinden bij het balgebied van de klauw. Wanneer Mortellaro niet of onvoldoende behandeld wordt, kan dit leiden tot pijn, kreupelheid en een verminderde melkproductie. Ook verhoogt het de kans op onvruchtbaarheid en uierontsteking.

De oorzaak van Mortellaro is vaak een nieuwe, besmette koe. Is er eenmaal Mortellaro binnen een stal, dan kunnen andere koeien besmet worden. Het is dus belangrijk op tijd snel in te grijpen bij Mortellaro, ook omdat het moeilijk weer uit een stal te krijgen is. Er moet ook extra op hygiëne gelet worden, want mest is een goede leefomgeving voor de bacteriën die Mortellaro veroorzaken. Een koe die eenmaal Mortellaro heeft gehad is er daarna (extra) gevoelig voor.

Manieren om een individuele koe met Mortellaro te behandelen zijn het gebruiken van een voetbad, aanstippen met hoofgel of andere behandelingsmiddelen. Bij koeien met een grotere Mortellaro-plek kan het ontstoken gebied ingesmeerd worden met hoofgel, waarna een verband wordt aangelegd. Zo wordt de gel niet snel van de plek geveegd en heeft het langer tijd om in te werken.

 

Zoolzweer

Een zoolzweer ontstaat door overbelasting op drukplekken onderop de klauw. Doordat er steeds op dezelfde plek druk is bij het lopen ontstaat een beschadiging, die na verloop van tijd zal gaan ontsteken. Een zoolzweer is zeer pijnlijk, wat zich uit in kreupelheid.

Het ontstaan van zoolzweren kan voorkomen worden door de klauw te bekappen. Zo worden de drukplekken op een klauw ontlast, waardoor de druk tijdens het lopen over een groter oppervlak van de klauw wordt verdeeld.

Is er eenmaal sprake van een zoolzweer, dan moet deze behandeld worden door de klauw te bekappen. De zoolzweer moet ontlast worden, zodat er niet langer druk op komt. Een desinfecterend middel kan vervolgens de ontsteking bestrijden en de verminderde druk geeft de mogelijkheid dat de klauw kan herstellen

Staat de koe bij het lopen nog op de zoolzweer, dan moet er een klosje onder de gezonde klauw bevestigd worden, zodat de pijnlijke klauw ontlast wordt. Bij het behandelen van een zoolzweer kan er een verbandje aangelegd worden om het verzorgende middel langer te laten werken, ook wordt dit gedaan om bloedingen te laten stollen.

 

Bevangenheid

Bevangenheid is een verstoring van de hoornvorming in de klauw, waardoor zoolzweren en wittelijndefecten ontstaan. Het overbelasten van de klauw is een van de oorzaken.

Enkele symptomen van bevangenheid zijn het inzakken van de voorwand van de klauw (een deuk), een opstaande klauwpunt en een volle zool. Een koe die eenmaal bevangen is geweest, zal hier gevoeliger voor blijven.

Er zijn drie soorten bevangenheid: de acute, chronische en subklinische vorm.

Acute bevangenheid

Oorzaken voor acute bevangenheid zijn genetische aanleg, het soort voer en de leefomgeving van de koe. Er is een flinke, pijnlijke ontsteking, die behandeld moet worden met ontstekingsremmers, aangepast voer en een leefomgeving met zachtere bodem (weide of rubberen matten in de stal).

Chronische bevangenheid

Bij chronische bevangenheid gaat er een langer proces aan vooraf en oorzaken zijn niet of moeilijk aan te wijzen. De klauw verandert van vorm, zoals eerder beschreven. De enige manier om deze vorm van bevangenheid te behandelen is het (tijdig) bekappen van klauwen.

Subklinische bevangenheid

Subklinische bevangenheid komt het meest voor. De oorzaak is een slechte kwaliteit van het hoorn, waardoor er meer kans is op klauwbeschadigingen en pijnlijke drukplekken. Subklinische bevangenheid heeft de volgende symptomen: roze verkleuringen in de klauw, zacht klauwhoorn wat gemakkelijk weg te snijden is en regelmatige last van zoolzweren door de slechte hoornkwaliteit. Behandeling van subklinische bevangenheid bestaat uit voetbaden om de klauwhoorn harder te maken.

 

Zijwandontsteking/Wittelijndefect

Zijwandontsteking is een ontsteking (die doorloopt tot) in de zijkant van de klauw. Het ontstaat vaak door een beschadiging, bijvoorbeeld door oneven roosters of door een gladde vloer waarbij een koe uitglijdt en de klauw beschadigd raakt.

Deze ontsteking is te behandelen door tijdens het bekappen de ontsteking bloot te leggen. Vervolgens wordt er een desinfecterende gel of spray aangebracht om de ontsteking tegen te gaan. Bij een hevig bloedende zijwandontsteking wordt een verband aangebracht om het bloeden tegen te gaan en het desinfecterende middel meer kans te geven in te trekken.

 

Tussenklauwontsteking/ Panaritium

Tussenklauwontsteking ontstaat door een bacteriële infectie na beschadiging aan de huid tussen de beide klauwen. Het leidt tot een kreupele koe en de ontsteking kan leiden tot een tyloom. De oorzaak is vaak een oneven bodembedekking, waarop de koe de tussenklauwhuid kan beschadigen.

De manieren om deze ontsteking te behandelen is het toedienen van antibiotica.

Preventief kunnen voetbaden gegeven worden, maar hierbij zijn uitzonderingen, bijvoorbeeld wanneer een koe een andere aandoening heeft.

 

Tyloom

Een tyloom is een woekering van het vlees tussen de klauwen, ook wel een derde teen genoemd. Oorzaken zijn een eerdere tussenklauwontsteking of de stand van de klauwen. Ook kan het erfelijk zijn.

Behandeling van een tyloom gebeurt door de klauw te bekappen om de stand van de klauw te verbeteren of door het tyloom operatief te laten verwijderen. Een manier om het ontstaan van een tyloom te voorkomen is door de klauw (goed) te bekappen of tussenklauwontstekingen op tijd aan te pakken.

 

Stinkpoot / dermatitis interdigitalis

Stinkpoot is een besmettelijke bacteriële infectie met een typerende geur, die vaak in een later stadium te ruiken is. Het veroorzaakt kreupelheid bij een koe en kan leiden tot een zoolzweer. Door een nieuwe koe kan Stinkpoot in een stal worden gebracht, waarna meerdere koeien besmet worden.

Het behandelen van Stinkpoot gebeurt door de klauw te bekappen om andere problemen te voorkomen (zoolzweer) en om voetenbaden te geven, maar bij dit laatste zijn uitzonderingen, bijvoorbeeld wanneer een koe een andere aandoening heeft.

Stinkpoot kan voorkomen worden door goede hygiëne in de stal en door bij aankoop van nieuwe koeien goed te controleren of de koe geen Stinkpoot heeft.